Tweetfeed Cocosnoot met Vet en Zonnebloempit, vetvoer met zonnebloempitten voor tuinvogels
Zitten er mezen en vinken in je tuin en wil je ze iets geven waar ze echt voor terugkomen? Zonnebloempitten staan bij die vogels bovenaan. De Tweetfeed Cocosnoot met Vet en Zonnebloempit is een halve kokosnoot van 11 x 10 cm, gevuld met 280 gram vet en zonnebloempitten, met een touwtje om hem op te hangen. Hij is bedoeld voor wilde tuinvogels in de koude maanden. Dit is een aanvullend diervoeder voor tuinvogels: het gaat naast wat vogels zelf in de natuur vinden, niet in plaats daarvan.
Welke vogels komen op deze kokosnoot af?
Koolmees, pimpelmees, boomklever, groenling, vink en grote bonte specht. De pitten zijn vetrijk en hebben een zachte kern, en vogels met een stevige snavel pellen ze in een paar seconden. Mezen en boomklevers hangen aan de noot en halen pit voor pit uit het vet. Groenlingen en vinken pakken liever de pitten die eruit vallen en onder de noot op de grond liggen. Mussen en merels komen ook kijken, maar kiezen bij een gemengde voederplek eerder voor granen en strooivoer.
Wat zit erin, en wat niet?
Vet en zonnebloempitten, zo omschrijft de leverancier de vulling. Of de pitten gepeld of gestreept zijn en in welke verhouding ze in het vet zitten, geeft de leverancier niet op. Het vet levert snelle energie voor koude nachten; de pitten leveren plantaardig vet en eiwit en geven de vogels iets om te kraken. De kokosnoot zelf is de verpakking, niet het voer. Er zit geen netje omheen waarin pootjes verstrikt kunnen raken en je hebt geen houder nodig.
Pitten los strooien of in vet in een kokosnoot?
In vet blijven de pitten op hun plek en op hoogte; los gestrooid liggen ze op de grond, worden ze nat en trek je duiven en ratten aan. Een gevulde kokosnoot hangt bovendien buiten bereik van de kat, terwijl een vogel op de grond kwetsbaar is. Het nadeel: aan de noot kunnen vooral vogels die kunnen hangen. Wil je ook vinken en groenlingen goed bedienen, zet dan een schaaltje gepelde pitten op een voedertafel ernaast. Zo heeft elke soort zijn eigen plek.
Hoe en waar hang je de kokosnoot op?
Aan het touwtje, aan een tak, haak of voederpaal, op ongeveer 1,5 tot 2 meter hoogte. Hang hem met de open kant schuin naar beneden, zodat regen wegloopt en de vogels er hangend bij kunnen. Kies een plek bij een struik of boom als vluchtroute, buiten bereik van de kat en niet vlak voor een raam. Zet een bakje vers water neer, ook bij vorst. Voer vooral van oktober tot april; in de zomer wordt vet zacht en vinden vogels zelf voldoende.
Waar moet je op letten?
Op warmte, schimmel en de doppen. Vet wordt zacht in de zon en kan aan veren kleven; hang de noot in de schaduw en haal hem bij warm weer weg. Beschimmelde of ranzige vulling gooi je weg. Onder een plek waar veel pitten gegeten worden, hoopt zich een laagje doppen en resten op. Veeg dat regelmatig weg, zeker op een terras: oude resten trekken ratten en muizen aan en kunnen schimmelen.
Tip van LutoPets: hang deze kokosnoot niet naast een silo met pinda's, maar een paar meter verderop. Mezen kiezen dan per rondje, en de drukte verdeelt zich over twee plekken. Je ziet zo ook sneller welke soorten de pitten verkiezen boven de pinda's.
De Tweetfeed Cocosnoot met Vet en Zonnebloempit is de variant voor een tuin met mezen, boomklevers en vinken: 280 gram vet met zonnebloempitten in een natuurlijke schaal, zonder netje en zonder houder. Een aanvulling naast strooivoer en vers water in de winter.