Tweetfeed Strooivoer, zadenmix voor alle tuinvogels
Wil je één zak of emmer voer waar mussen, vinken, mezen en merels allemaal iets uit halen? Strooivoer van Tweetfeed is een mengsel van zeven zaden en granen voor alle buitenvogels, met tarwe, witte millet en gebroken mais als basis. Het is bedoeld voor wilde tuinvogels, het hele jaar door, en het meest van oktober tot april. Dit is een aanvullend diervoeder voor wilde vogels: het gaat naast wat ze zelf in de natuur vinden, niet in plaats daarvan.
Welke vogels komen op strooivoer af?
Vooral de zaadeters die graag op de grond of op een voedertafel eten: huismus, ringmus, vink, keep, groenling, heggenmus, houtduif en Turkse tortel. Merels en roodborsten pikken de gebroken mais en de haver op. Mezen zoeken de gestreepte zonnepitten eruit en laten de rest liggen. Juist omdat de mix uit kleine en grote zaden bestaat, zie je er meer soorten op dan op een pindasilo alleen.
Wat zit erin, en in welke verhouding
De leverancier geeft voor de emmer van 3,5 kg de volledige samenstelling met percentages op:
-
Tarwe (duivenkwaliteit) 35%
-
Witte millet 29%, een klein zaadje waar mussen en vinken van houden
-
Gebroken mais 15%, ook voor merels en duiven
-
Rode dari 13%, een sorghumsoort
-
Gestreepte zonnepitten 5%, vetrijk, voor mezen en vinken
-
Haver 2% en boekweit 1%
Voor de zak van 5 kg vermeldt de leverancier alleen dat het voer voor tuinvogels is, zonder percentages. Reken op dezelfde soort mix van zaden en granen, maar de exacte verhouding staat op de verpakking.
Wanneer kies je strooivoer in plaats van vetbollen of pinda's?
Als je meer soorten wilt zien dan alleen mezen. Vetbollen en pindanetjes trekken vooral koolmezen, pimpelmezen en spechten. Een zadenmix op de grond of op een voedertafel brengt de mussen, vinken en duiven erbij, die niet aan een hangend netje gaan hangen. De combinatie werkt het best: strooivoer op de tafel of op de grond, vetbollen en pinda's in de hoogte. Zo verdeel je de vogels over de tuin en zitten de grote niet de kleine in de weg.
Hoe en waar strooi je het?
Strooi een of twee handen per dag op een voedertafel, in een voederhuis met een rand of op een schone tegel. Kies een beschutte plek met een struik of heg op twee tot drie meter afstand, zodat vogels kunnen wegduiken, en houd minstens 1,5 meter afstand van plekken waar een kat zich kan verstoppen. Geef niet meer dan de vogels in een dag opeten. Wat blijft liggen wordt nat, gaat schimmelen en trekt muizen en ratten aan. Zet er een schaal vers water bij, ook bij vorst.
Emmer van 3,5 kg of zak van 5 kg?
De emmer heeft een hengsel en een deksel. Je neemt hem zo mee naar de voederplek en het voer blijft droog in de schuur. De zak van 5 kg is de voordeligere voorraadmaat voor wie elke dag strooit. Hevel de inhoud van de zak over in een afsluitbare emmer of voerton, dan blijven muizen en vocht erbuiten. Met een of twee handen per dag kom je met 5 kg ruim een maand vooruit.
Tip van LutoPets: veeg de voedertafel elke paar dagen schoon en verplaats de strooiplek op de grond elke paar weken een meter. Op een plek waar steeds voer ligt, hopen uitwerpselen en schimmel zich op, en daar worden vogels ziek van. Een schone, wisselende plek houdt de voederplek veilig voor de vogels.
Tweetfeed Strooivoer is de basis voor een voederplek waar meer komt dan mezen alleen. Combineer het met een vetbol of pindasilo in de hoogte en een schaal water, en je hebt in de winter de hele dag bezoek.