Tweetfeed Zonnebloempitten Gestreept, zonnepitten in de dop voor tuinvogels
Zie je mezen en vinken bij de buren wel op de voederplek zitten, maar bij jou nog niet? Gestreepte zonnebloempitten voor vogels van Tweetfeed zijn zonnepitten in de dop, een van de meest gegeten voersoorten in Nederlandse tuinen. Volgens de leverancier hebben zonnepitten een hoog oliegehalte, waardoor vogels er veel calorieën uit halen. Bedoeld voor wilde tuinvogels, vooral in herfst en winter. Dit is een aanvullend diervoeder: het gaat naast wat vogels zelf in de natuur vinden, niet in plaats daarvan.
Welke vogels eten gestreepte zonnebloempitten?
Koolmees, pimpelmees, vink, groenling, keep, boomklever, huismus, grote bonte specht en, als ze in de buurt zijn, de appelvink en de goudvink. Een mees pakt één pit, vliegt naar een tak, klemt de pit tussen zijn poten en hakt hem open. Vinken en groenlingen kraken de dop ter plekke met hun dikke snavel. Duiven en merels laten gestreepte pitten liggen; die dop krijgen zij niet open.
Wat is het verschil met gepelde zonnepitten en met zwarte zonnepitten?
Gestreepte zonnebloempitten hebben een dikkere, grijs-wit gestreepte dop en zijn groter dan zwarte zonnepitten. Vogels moeten er wat meer moeite voor doen en laten de dop onder de voederplek vallen. Gepelde pitten zijn direct te eten, geven geen afval en zijn ook voor kleine zangvogels als roodborst en heggenmus geschikt, maar ze bederven sneller en kosten per kilo meer. Gestreepte pitten zijn de klassieke keuze voor wie vooral mezen en vinken wil zien en een plek heeft waar doppen mogen vallen.
Hoe en waar voer je zonnepitten?
In een zaadsilo met kleine openingen, op een voedertafel of los op een schone tegel. Hang de silo op minstens 1,5 meter hoogte bij een struik of heg, zodat mezen met hun pit een veilige tak kunnen opzoeken, en buiten bereik van katten. Vul een silo niet verder dan vogels in een week opeten; strooi je los, geef dan een handvol per dag. Zet er altijd een schaal vers water bij, ook bij vorst. In het broedseizoen mag je kleine porties blijven geven; oudervogels voeren hun jongen vooral met insecten.
Waar moet je op letten?
Op de doppen en op vocht. Onder een silo met gestreepte pitten ontstaat een laag lege doppen die het gras verstikt en waar gemorste pitten in kunnen kiemen. Veeg de plek wekelijks aan of zet een opvangschaal onder de silo. Natte pitten gaan schimmelen; controleer na regen of de inhoud van de silo droog is en gooi muf of klonterig voer weg. Maak de silo elke twee weken schoon met heet water en laat hem drogen voordat je hem vult.
Zak van 750 gram of emmer van 2 kg?
De zak van 750 gram is bedoeld om te proberen of er mezen en vinken op afkomen, of als aanvulling naast een zadenmix. De emmer van 2 kg heeft een hengsel en een deksel: je neemt hem zo mee naar de voederplek en de pitten blijven droog in de schuur. Een zaadsilo van gemiddeld formaat gaat met 750 gram ongeveer een week mee als er een groep mezen langskomt; met 2 kg kom je bijna een maand vooruit.
Tip van LutoPets: hang de silo zo dat er binnen twee meter een struik of heg staat. Mezen eten een zonnepit nooit op de silo zelf maar op een tak, en hoe korter de vlucht, hoe vaker ze terugkomen. Een silo midden op een kaal gazon blijft vaak weken onbezocht.
Tweetfeed Zonnebloempitten Gestreept zijn een vast onderdeel van de winterse voederplek voor wie mezen, vinken en boomklevers wil zien. Combineer ze met pinda's in de hoogte en een zadenmix op de grond, en met een schaal water, dan heb je de hele winter bezoek.